Image
De Croo

Is het regeerakkoord ook internationaal solidair en duurzaam?

Politiek

‘Voor een welvarend, solidair en duurzaam België’, het regeerakkoord van Vivaldi heeft alvast een veelbelovende titel. Maar kijkt de regering- De Croo ook over de Belgische grenzen? 11.11.11 nam het nieuwe regeerakkoord grondig onder de loep. Tijdens de onderhandelingen schoven we 11 centrale prioriteiten naar voren voor een regeerakkoord op maat van mondiale uitdagingen. Vinden we deze voldoende terug in de tekst van het regeerakkoord? Een analyse per thema.  

Image
De Croo
Alexander De Croo (CC0)

11.11.11, de koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging, reageert tevreden op een aantal veelbelovende internationale ambities in het federale regeerakkoord. De nieuwe regering trekt resoluut de kaart van internationale samenwerking. Ze zal meewerken aan de realisatie van de duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s). Het regeerakkoord bevat hefbomen om ontwikkelingssamenwerking effectief in te zetten in de strijd tegen armoede en ongelijkheid in de wereld. Ze besteedt aandacht aan gendergelijkheid en mensenrechten en bevat maatregelen voor economische, sociale en ecologische rechtvaardigheid. Het regeerakkoord bevat belangrijke stappen richting meer klimaatambitie

Voor veel beloftevolle passages is het vooral uitkijken naar de concrete vertaling. De regering De Croo stelt alvast dialoog met het middenveld en een sfeer van respect voorop. 11.11.11 kijkt dan ook uit naar een constructieve samenwerking. Ze roept de nieuwe ploeg op haar internationale engagementen verder te concretiseren en hier ook de nodige financiële middelen voor vrij maken. 

De regering De Croo stelt alvast dialoog met het middenveld en een sfeer van respect voorop. 11.11.11 kijkt dan ook uit naar een constructieve samenwerking

1. Beleid dat coherent is met (duurzame) ontwikkeling  

In volle corona-crisis zet deze regering een belangrijk stap in het erkennen van de nood om de schade te herstellen en aan een duurzame heropbouw te werken. De regering zal meewerken aan de realisatie van de duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s). Een krachtiger engagement was geweest als de regering zich meteen engageerde voor substantiële vooruitgang in het realiseren van de 17 werelddoelen voor duurzame ontwikkeling en hier ook de nodige opvolgingsmechanismen voor ondersteunde.  

In 2013 zorgde de Wet op de Ontwikkelingssamenwerking voor een wettelijke basis voor “beleidscoherentie voor ontwikkeling” (BCO). Dit principe vereist dat elk beleid met impact op ontwikkelingslanden de doelstellingen van ontwikkelingssamenwerking, en dus ook de duurzame ontwikkelingsdoelen, niet mag ondermijnen. Voor de uitvoering van dit principe werden verscheidene organen opgezet die echter tijdens de vorige regering in onbruik geraakten. Nu prijkt het principe opnieuw in de regeringsverklaring, samen met het voornemen om er een ministerieel overlegorgaan voor op te richten. Het is nu vooral uitkijken hoe het in de praktijk zal vorm krijgen. Een logische snelle stap is de herbenoeming van leden voor de Adviesraad die destijds was opgericht. 

2. Meer middelen voor ontwikkelingssamenwerking  

Deze regering schrijft een bindend groeipad voor de 0,7% tegen 2030 in haar regeerakkoord. Dit is een sterk signaal voor internationale solidariteit. Het is een vooruitgang ten aanzien van de voorbije 2 legislaturen, waarbij ontwikkelingssamenwerking vaak werd ingezet als uitgavenpost waarop bespaard kon worden.

De regering moet het nu wel waarmaken. Er moet snel duidelijkheid komen over wat de ambities zijn tijdens deze legislatuur (tegen 2024). 11.11.11 wil dat het om een effectieve toename gaat van de uitgaven in absolute cijfers, die daadwerkelijk bijdragen aan de strijd tegen armoede en ongelijkheid. 

3. Ontwikkelingssamenwerking met impact  

België hecht belang aan internationale solidariteit. Er zitten heel wat hefbomen in het regeerakkoord om van ontwikkelingssamenwerking een instrument te maken dat effectief impact heeft op de strijd tegen armoede en ongelijkheid. Het komt er nu op aan dit alles in concrete acties te vertalen.

Sociale sectoren als onderwijs, gezondheidszorg, waardig werk en sociale bescherming zijn voor deze regering prioritaire sectoren, net als kleinschalige landbouw en duurzame voedselsystemen. Mensenrechten en gender staan centraal, daarbij is nood aan een expliciete verdediging van een dubbele aanpak voor gendergelijkheid (zowel specifieke aandacht als transversaal).

Bedrijven krijgen een duidelijke plaats als actor binnen ontwikkelingssamenwerking. Het is cruciaal dat hieraan de nodige voorwaarden gekoppeld worden en dat duurzame ontwikkelingsimpact voorop staat. Het regeerakkoord geeft hier een aanzet maar is voorlopig nog te beperkt.

De internationaal afgesproken principes voor ontwikkelingssamenwerking als leidraad ontbreken niet alleen voor de private sector, maar over de hele lijn.  Deze principes, zoals democratisch eigenaarschap en transparantie, garanderen nochtans dat ontwikkelingssamenwerking effectief is en impact heeft.        

4. Internationale fiscale rechtvaardigheid 

Het regeerakkoord oogt ambitieus op het vlak van inspanningen om grootschalige belastingontwijking tegen te gaan. 11.11.11 is tevreden dat internationale oplossingen voorrang krijgen op nationale oplossingen.

Zo zal België binnen de lopende OESO-onderhandelingen pleitbezorger zijn van een minimumbelasting en van een vorm van digitale taxatie. België pleit ook voor ambitieuze implementatie van de OESO-aanbevelingen op lagere beleidsniveaus. Komt er geen internationaal akkoord dan zal België in 2023 zelf een digital service taks invoeren.

Daarnaast zal België verschillende EU-initiatieven voor eerlijkere belastingregels steunen, zoals Europese fiscale harmonisatie van de vennootschapsbelasting en een verruiming van de definitie van schadelijke belastingpraktijken.

Ook de financiële transactietaks wordt vermeld, maar zonder concretisering. Belangrijk naar de uitvoering: alleen een ambitieuze transactietaks vormt een belangrijk instrument tegen speculatie en brengt de nodige middelen op. Een andere belangrijke kanttekening: over fiscale transparantie blijft het akkoord erg stil.   

5. Handelsbeleid in functie van duurzame ontwikkeling  

Het regeerakkoord bevestigt dat de Europese handelsakkoorden bepalingen moeten bevatten over de naleving van internationale sociale, milieu- en mensenrechtennormen. Meer nog, de regering zal handels- én investeringsakkoorden enkel goedkeuren als deze bepalingen ook echt bindend en afdwingbaar zijn. Dat is de sterkste formulering die we tot nu toe hebben gezien.

Dit kan meteen toegepast worden op een belangrijk dossier op tafel: het Europese handelsakkoord met de Mercosur-landen, waar het vooral in Brazilië en Paraguay niet zo nauw genomen wordt met deze normen. 

6. Kwijtschelding van schulden  

Schuldverlichting is een cruciale maatregel vandaag als antwoord op de economische impact door Covid-19 voor landen in het Zuiden. Het laat hen toe middelen te besteden aan gezondheidszorg en publieke diensten in plaats van aan schuldaflossingen.

11.11.11 is afwachtend positief dat de Belgische regering constructief in discussie wil gaan over bilaterale en multilaterale schuldkwijtscheldingen. Concrete engagementen ontbreken voorlopig nog. 

7. Bindende regelgeving over bedrijven en mensenrechten  

De nieuwe regering neemt zich voor om actief en constructief deel te nemen aan de onderhandelingen over het toekomstig VN-Verdrag inzake Bedrijven en Mensenrechten. Ze wil ook een voortrekkersrol spelen in de uitwerking van een Europees wetgevend kader inzake zorgplicht.

Voor een Belgisch wetgevend initiatief is de nieuwe coalitie meer terughoudend. Blijkbaar moeten de geesten hier nog wat rijpen. Het Belgische middenveld heeft alvast concrete voorstellen uitgewerkt en staat klaar om die met de regering te bespreken. 

8. Drastische vermindering van de uitstoot van broeikasgassen  

De Vivalditrein vertrekt met de juiste bestemming: steun voor de Europese Green Deal en het engagement om ook in het eigen beleid toe te werken naar een vermindering van de uitstoot met 55% in 2030 (tov. 1990). De nieuwe regering wil daarom het Nationaal Energie- en Klimaatplan aanpassen en dat is ook echt nodig.

Het engagement om een nationale conferentie te organiseren over de rechtvaardige transitie, zet de regering-De Croo op het pad van een eerlijk klimaatbeleid. Dat het dat beleid ook wil voeren op een manier die coherent is met ontwikkeling (zie ook eerder) is goed. In de praktijk wil dat wel zeggen dat de federale regering zo snel mogelijk moet afstappen van biobrandstoffen op basis van landbouwgewassen, die een negatieve impact hebben op mensenrechten, biodiversiteit en het klimaat. Een engagement daartoe zien we vooralsnog niet.

Als conclusie zet België met dit regeerakkoord belangrijke stappen in de richting van meer klimaatambitie en het is nu afwachten hoe die de komende weken, maanden en jaren concrete invulling krijgen. 

9. Billijke bijdrage voor de internationale klimaatfinanciering  

België is een historische vervuiler en een rijk land, en ging daarom op internationaal niveau het engagement aan om bij te dragen aan de internationale klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden.

Een serieuze inhaalbeweging op dat vlak is nodig omdat ons land de afgelopen jaren te weinig deed om dit engagement concreet in te vullen. Het is daarom goed dat de regering expliciteert een stijgende bijdrage aan de internationale klimaatfinanciering te willen doen, bovenop het ontwikkelingsbudget. Dat laatste engagement ontbrak – ondanks internationale afspraken – in het vorige regeerakkoord en is belangrijk, zodat de middelen voor klimaatfinanciering niet wegen op de middelen voor andere uitdagingen op vlak van armoede en ongelijkheid.

We zitten voorlopig echter nog op onze honger op vlak van concretisering: het regeerakkoord geeft niet aan om hoeveel het zal gaan en hoe het die additionaliteit zal garanderen. Het huidig engagement van ons land loopt eind dit jaar af en er moet dus snel duidelijkheid komen. 11.11.11 berekende dat een eerlijk aandeel van ons land (federale regering en de regio’s) neerkomt op 500 miljoen euro.  

10. Veilige migratieroutes  

Op vlak van migratie toont dit akkoord ambitie. De wil is er duidelijk om internationaal en Europees verantwoordelijkheid op te nemen. Mensenrechten en multilaterale samenwerking vormen de leidraad.

Het regeerakkoord bevestigt expliciet de engagementen die werden genomen in de Global Compacts for Migration en for Refugees. Europees wil de regering een voortrekkersrol spelen in de totstandkoming van een gemeenschappelijk Europees asielbeleid met o.a. gelijkvormige procedures en een eerlijke verdeling van de verantwoordelijkheden. Positief is dat hier ook respect voor de internationale verplichtingen en Search and Rescue genoemd worden.

11.11.11 is ook tevreden dat het regeerakkoord bevestigt dat "Ontwikkelingssamenwerking kan niet ondergeschikt worden aan de migratieagenda". Dit is een belangrijk engagement om instrumentalisering van ontwikkelingsmiddelen voor grensbewaking en terugkeer tegen te gaan.

Een aantal elementen zijn nog weinig concreet. Hervestiging en financiering voor de opvang en bescherming van vluchtelingen in de regio komen aan bod maar het ontbreekt aan duidelijke engagementen.

11.11.11 is tenslotte ook erg tevreden dat deze regering duidelijk detentie van minderjarigen uitsluit.  

11. Buitenlandsbeleid met democratie, mensenrechten en gendergelijkheid als prioriteit 

Mensenrechten en good governance blijven centrale speerpunten in het Belgisch buitenlandbeleid en dit wordt ook verschillende keren in het regeerakkoord geëxpliciteerd. Toch wordt er weinig aandacht geschonken aan de middenveldactoren, die essentiële partners zijn in de verdediging en de bevordering van die fundamentele rechten binnen en buiten Europa. 11.11.11 ijvert dan ook voor een strategienota ‘civiele ruimte en democratisering’ en beschermingsinitiatieven voor mensenrechtenverdedigers in nood.  

Er zijn blijvende inspanningen nodig voor een gedragen beleid. Lokale expertise identificeren en valoriseren is noodzakelijk om efficiënt in te spelen op lokale behoeften. Enkel door goed af te stemmen op de lokale context zijn acties passend en haalbaar, en worden ze aanvaard en effectief uitgevoerd. Dit betekent ook dat vrouwenrechtenorganisaties en organisaties die investeren in gender het beleid mee vormgeven. 

België speelt een internationale “voortrekkersrol” wat betreft de kinderrechten, genderdimensie en gendergelijkheid, dit mogen geen holle termen zijn. Daarom pleit 11.11.11 voor een concretisering van de inspanning in streefcijfers en specifieke financiële indicatoren. In de vorige regering bleken impactmeting van het beleid en analyse van resultaten voor gendergelijkheid het zwakke broertje. Laat dit deze keer geen valkuil zijn. 

Wat betreft Midden-Oosten, is 11.11.11 tevreden dat de nieuwe federale regering een voortrekkersrol zal opnemen in de strijd tegen de Israëlische annexatie van bezet Palestijns gebied, via de ontwikkeling van een reeks “tegenmaatregelen” en de verdere uitbouw van een “differentiatiebeleid” tegenover Israëlische nederzettingen. Belangrijk is ook de ambitie om verantwoordelijkheid op te nemen voor de opvang en bescherming van o.m. Syrische vluchtelingen, in het kader van een bredere strategie die uitgaat van de drie internationaal erkende “duurzame oplossingen” voor vluchtelingencrises. Ook de aandacht die besteed wordt aan de verwevenheid tussen humanitaire hulp en ontwikkelingssamenwerking is een interessante ontwikkeling. 11.11.11 roept de regering op om deze engagementen zo snel mogelijk te concretiseren en hier ook de nodige financiële inspanningen toe te leveren. 

11.11.11 verwelkomt de beslissing van de Belgische regering om Centraal-Afrika te blijven meenemen als prioritaire regio in haar buitenland- en ontwikkelingsbeleid. Naast de economische en veiligheidsuitdagingen zullen de komende maanden en jaren meer middelen nodig zijn om de partnerschappen met betrekking tot de specifieke humanitaire en ontwikkelingsuitdagingen verder uit te werken. Onder meer een nieuw en ambitieus samenwerkingsakkoord met de Democratisch Republiek Congo kan hierin een effectief instrument zijn. 11.11.11 hoopt dat de regering zich ertoe verbindt om te evalueren wat de meest effectieve manier is om tegemoet te komen aan de noden van de lokale bevolking en dat ze samen met de verschillende actoren van de Belgische ontwikkelingssamenwerking bekijkt op welke manier het best rekening gehouden wordt met deze fragiele context(en).