Europees Parlement stemt voor terugkeerwet die mensenrechten overboord gooit
27 Mar 2026
2 minuten
Het Europees Parlement heeft op 26 maart de nieuwe zogenaamde terugkeerverordening goedgekeurd. Daarmee kiest Europa opnieuw voor een harder migratiebeleid, waarin opsluiting, dwang en afschrikking centraal staan. Dit is een zorgwekkende evolutie en mag niet genormaliseerd worden.
De nieuwe regels maken het mogelijk om mensen zonder verblijfsrecht langer op te sluiten, in sommige gevallen zelfs meer dan twee jaar. Dat kan bovendien buiten de grenzen van de Europese Unie gebeuren. Mensen dreigen zo vast te zitten in gesloten centra, zonder duidelijk perspectief en met beperkte toegang tot juridische bijstand.
Detentie dreigt de norm te worden
Met deze verordening verschuiven de grenzen van wat aanvaardbaar is in een rechtsstaat. Europa dreigt af te glijden naar een systeem waarin detentie en dwang geen uitzondering meer zijn, maar de standaard.
De voorstellen openen de deur naar situaties waarin mensen worden uitgewezen nog voordat hun procedure volledig is afgerond. Ook het risico op opsluiting van kinderen neemt toe. Tegelijk wordt een beleid genormaliseerd waarin controle en opsporing centraal staan, met meer surveillance, huiszoekingen en etnisch profileren als mogelijk gevolg.
De logica achter deze aanpak sluit steeds meer aan bij het Amerikaanse ICE-model, waar grootschalige detentie en gedwongen uitzetting de norm zijn. Op die manier is Europa op weg om een deportatiemachine te worden.
Verdeelheid in Belgische politiek
De stemming legt ook politieke keuzes bloot. Verschillende partijen, zoals Vooruit, Groen en PVDA, gaven vooraf aan dat ze de verordening niet zouden steunen. CD&V koos ervoor zich te onthouden, tegen de lijn van haar Europese fractie in. Die keuze vraagt politieke moed en verdient erkenning.
N-VA stemde wél voor de verordening en schaarde zich daarmee achter een harde koers die ook door extreemrechtse partijen wordt gedragen. Daarmee werden duidelijke waarschuwingen van mensenrechtenorganisaties en experts genegeerd.
Maar de goedkeuring in het Europees Parlement is nog geen eindpunt. De komende maanden volgen onderhandelingen tussen het Parlement en de lidstaten. Daar ligt ook een belangrijke verantwoordelijkheid voor België. De federale regering onthield zich eerder al bij een stemming over dit voorstel. Daarom roepen we de regering op om die positie aan te houden en zich actief te verzetten tegen deze verordening in haar huidige vorm.
De komende fase biedt een nieuwe kans om een duidelijke grens te trekken, en te kiezen voor een migratiebeleid dat vertrekt vanuit mensenrechten in plaats van afschrikking.
Flor Didden
Beleidsmedewerker migratie