Back to the climate

Wanneer winst boven mensenrechten gaat: het dodelijke geweld tegen klimaatactivisten

  • Getuigenis
  • Andere landen in Latijns-Amerika
  • Klimaat

03 Oct 2025

5 minuten

In 2024 werden wereldwijd minstens 146 land- en milieuactivisten vermoord of vermist, vooral in Latijns-Amerika. Terwijl Europa via haar vraag naar grondstoffen medeverantwoordelijk is, staat wetgeving die bedrijven aansprakelijk houdt onder druk. België kan tijdens COP30 in Brazilië het voortouw nemen om activisten beter te beschermen en strenge Europese regels te verdedigen. 

Volgens het rapport Roots of Resistance van Global Witness werden in 2024 minstens 146 land- en milieuactivisten wereldwijd vermoord of verdwenen. Latijns-Amerika blijft de gevaarlijkste regio voor mensenrechten- en milieubeschermers: vooral in Colombia, Guatemala, Mexico, Brazilië en ook op de Filipijnen vallen veel slachtoffers. Tussen 2012 en 2024 werden wereldwijd al meer dan 2.253 milieu- en landverdedigers gedood. Mijnbouw is daarbij de dodelijkste sector, gevolgd door houtkap.  Ook infrastructuurprojecten, stroperij en waterkrachtcentrales leiden vaak tot gewelddadige confrontaties. De groeiende wereldwijde vraag naar voedsel, energie en grondstoffen heeft de strijd om land en natuurlijke rijkdommen verder verhevigd. Lokale gemeenschappen worden daarbij zelden geraadpleegd, en compensatie is vaak totaal onvoldoende.

Één van de slachtoffers is Juan Antonio López die in september 2024 plots doodgeschoten werd terwijl hij de kerk verliet na de mis. López was een gemeenschapsleider, milieuactivist en anti-corruptie-activist in de stad Tocoa, Honduras. Hij streed jarenlang tegen de open mijnbouw van ijzeroxide, een industrie die een bedreiging vormt voor het water van de Guanipol en San Pedro rivieren waarvan de Lenca-gemeenschap afhankelijk is. Ze gebruiken de rivieren voor drinkwater, visserij en landbouw.

Het verhaal van Juan Antonio López is geen op zichzelf staand incident, maar een weerspiegeling van systemen die winst belangrijker vinden dan mensenrechten. Het gaat om onder andere landroof, ecologische vernietiging, winst gedreven exploitatie en een vrijwel volledig gebrek aan effectieve rechtsmiddelen voor de lokale bewoners. In 2022 zei López nog: “De strijd voor het milieu kan niet los worden gezien van de politieke strijd in Latijns-Amerika en Honduras.” Zelf weigerde hij die strijd op te geven. "De zoektocht naar gerechtigheid is des te krachtiger wanneer de machtshebbers weten dat de getroffenen bereid zijn te luisteren (...) Vrede is ons doel, niet stilte. Integendeel, de strijd voor vrede vereist dat we corruptie onthullen, zodat gerechtigheid kan bloeien en vrede duurzaam kan zijn. Laten we niet bang zijn”, vertelde hij aan de Spaanse krant La Jornada. 

De strijd voor het milieu kan niet los worden gezien van de politieke strijd in Latijns-Amerika en Honduras.

Juan Antonio López, In 2024 vermoorde activist uit Honduras

Nood aan strenge Europese regels  

Hoewel de meeste slachtoffers onder land- en milieuactivisten in landen buiten de EU vallen, zijn er ook in Europa gevallen bekend (zoals in Servië). Tegelijk speelt de EU een belangrijke rol als grote afnemer van grondstoffen. Via beleid zoals de Critical Raw Materials Act (CRMA) streeft Europa naar toegang tot essentiële materialen als lithium en kobalt. Grondstoffen die onder andere gebruikt worden voor batterijen van elektrische voertuigen, smartphones en opslagsystemen voor hernieuwbare energie. Maar waar Europa enkel spreekt over de nodige toegang tot die grondstoffen, dreigt de menselijke en ecologische kost onzichtbaar te blijven.

Terwijl de vraag naar grondstoffen stijgt, brokkelt de bescherming van mensenrechten af. Tegelijk komt Europese wetgeving die bedrijven verantwoordelijk moet houden, zoals de zorgplichtwet, onder druk te staan door lobbywerk. Belangrijke verplichtingen dreigen te verdwijnen, waardoor slachtoffers van mensenrechtenschendingen moeilijker gerechtigheid kunnen krijgen. 

Ook staat de EUDR, de Europese Verordering over ontbossingsvrije producten, opnieuw onder druk.  De ontbossingswet (EUDR) heeft als voornaamste doel om een einde te maken aan ontbossing en bosdegradatie. Dat gebeurt tot nu toe door landbouw uit te breiden voor basisproducten zoals cacao, hout en koffie. Met de EUDR-wetgeving moeten EUDR-bedrijven voortaan bewijzen dat hun producten geen ontbossing veroorzaken en geproduceerd zijn in overeenstemming met de lokale wetgeving.  Daarnaast wordt met de EUDR inheemse volkeren en lokale gemeenschappen beschermd aangezien zij afhankelijk zijn van bosecosystemen.

De Europese wetgeving zou normaal gezien na uitstel van een jaar eindelijk 30 december 2025 van start gaan. Maar nu zegt Europees Milieu-Commissaris Jessika Roswall de ontbossingswet (EUDR) opnieuw met een jaar uit te stellen. De reden daarvoor is volgens de Europese Commissie een IT-probleem: het bijhorende computersysteem zou niet klaar zijn. Toch dringt de tijd: “Elk jaar uitstel betekent dan ook opnieuw veel te veel ontbossing, namelijk ongeveer 1 boom per seconde”, aldus Pieter Van de Sype van BOS+. 

Wat kan België tijdens de COP30 doen?

De COP30 vindt in november 2025 plaats in Belém, Brazilië. Dat is net een regio met veel biodiversiteit en extreem gevaarlijk voor land- en milieuactivisten. Het waarborgen van effectieve bescherming en betekenisvolle participatie van deze verdedigers daarom een fundamenteel principe moeten zijn binnen de COP30.  

België kan tijdens de klimaattop het juiste voorbeeld geven door:  

  1. Zich in te zetten voor het behouden van strenge Europese regels (zorgplicht), zodat bedrijven verantwoordelijk blijven voor mensenrechtenschendingen en milieuschade. Zo kunnen slachtoffers nog steeds hun recht halen via Europese wetgeving.
  2. Voorzien dat mensenrechten-en milieuverdedigers, zoals ngo’s, inheemse leiders of lokale activisten, kunnen meedoen aan het maken van beslissingen die hen aangaan.  
  3. Te pleiten voor geen verdere uitstel en afzwakking van de EUDR-wetgeving. De wetgeving is al eerder uitgesteld en verdere vertraging is onverantwoord. Elk jaar uitstel geeft bedrijven vrij spel voor ontbossing en bosdegradatie, wat de inheemse volkeren en lokale gemeenschappen schaadt. 

Geweld tegen land- en klimaatactivisten is geen uitzondering, maar een gevolg van politieke en economische systemen die winst hoger plaatsen dan mensen en milieu.  België en de EU moeten deze systemen veranderen en activisten beter beschermen. 

11.11.11 presenteert: de Lopende Rekening

De Lopende Rekening legt de verborgen kosten van olie, gas en mijnbouw bloot: miljardenwinsten voor multinationals – maar vervuiling, uitbuiting en mensenrechtenschendingen voor gemeenschappen wereldwijd.

Ook de “groene” transitie dreigt dezelfde fouten te maken: elektrische auto’s vragen tonnen kobalt, lithium en andere grondstoffen die vaak met landroof en kinderarbeid gepaard gaan.

Ontdek meer