Lievens-Vynckefonds
Jaarlijks bezorgen sympathisanten van het Klein Seminarie te Roeselare ons de financiële middelen om projecten van oud-leerlingen-ontwikkelingshelpers wereldwijd te steunen. Aandachtspunten zijn o.a. vorming en onderwijs, landbouw en initiatieven in de zorgsector. Onze organisatie is reeds meer dan 40 jaar actief. Het Lievens-Vynckefonds ontstond in het Klein Seminarie te Roeselare in 1982. Het werd opgedragen aan Constant Lievens en Amaat Vyncke. Beiden waren oud-leerlingen uit de tweede helft van de 19de eeuw. Het Lievens-Vynckefonds neemt zich voor om na het overlijden van haar stichter in 2006 met uw steun verder te werken. Zo proberen wij de noden te lenigen waar oud-leerlingen en hun opvolgers werkzaam waren of nog steeds zijn.
Over de organisatie in België
- Actief in provincie(s)
-
West-Vlaanderen
- Actief in gemeente(s)
-
Moorslede
- Opstartjaar
-
1982
- Fiscale attesten
-
eigen erkenning
- Thema(s)
-
Gezondheidszorg
- Doelgroep(en)
-
Plattelandsbevolking
Over de organisatie in het partnerland
- partnerland(en)
-
Congo-KinshasaIndiaSri LankaTanzania
- Partnerorganisatie(s)
-
verschillende organisaties
Historiek
Het Lievens-Vynckefonds is het levenswerk van E.H. Lode Monbaliu. Lode werd op 31 juli 1937 geboren in Dudzele, het dorp waar Amaat Vyncke gedurende vijf jaar onderpastoor was. Op twintigjarige leeftijd besliste Lode zijn roeping te beantwoorden en liet zich op 11 juli 1964 tot priester wijden. Later werd hij aangesteld als leraar geschiedenis en studiemeester-opvoeder aan het Klein Seminarie te Roeselare, waar hij gedurende twintig jaar verbleef en actief was. In die periode bouwde hij een reputatie op als historicus en publiceerde de werken “Ratte Vyncke”, “Amaat Vyncke: Zouavenbrieven” en “Constant Lievens: De Ridder van Chota-Nagpur”. Met de opbrengsten van deze publicaties richtte hij het Amaat Vyncke fonds op. De invloed die Lode als leerkracht en als persoon op zijn leerlingen had, ging verder dan enkel de verdiensten van zijn opvoedkundige kwaliteiten en zijn gouden hart. Hij wist hun aandacht te vestigen op de vorm van ontwikkelingshulp die een steunfonds kon zijn. Materiële steun en ontwikkelingshulp via missionarissen staan centraal. Na zijn vruchtbare carrière als lesgever bekleedde Lode voor korte tijd de functie van medepastoor op de Roeselaarse Sint-Jozefparochie, alvorens op 16 maart 1990 tot pastoor van Damme benoemd te worden. Tussen 1985 en 1995 maakte priester Monbaliu drie reizen naar de Lievensmissie in India. Zijn hele verdere leven bleef hij dan ook bezield door de missiegedachte. Dit leverde hem volkomen terecht de titel op van “missionaris op het thuisfront”.